In het vonnis spreekt de rechter uit dat een feit “wettig én overtuigend” bewezen is. Wat wordt er bedoeld met die overtuiging en is dat niet subjectief?

Deze vraag behandel ik in het boek ‘Wettig en overtuigend bewezen’ (verschijnt in 2021). werkt u in de rechtspraak en heeft u hier iets zinnigs over te zeggen? Mail dan naar info@stevenschrijft.nl. Ik neem uw deskundige commentaar, met naamsvermelding, graag op in mijn boek.